
Oud oliegewas met hernieuwde belangstelling, geschikt voor droge, arme grond; kleine lichtgele bloemen geven matig nectar en stuifmeel.
Huttentut is een eenjarige kruisbloemige die al sinds de bronstijd voor de olie wordt geteeld en de laatste jaren opnieuw in de belangstelling staat vanwege biobrandstof en omega-3-olie. Ze verdraagt droogte, kou en schrale grond en groeit met weinig inputs. De kleine, bleekgele bloemen bestuiven zich grotendeels zelf, maar honingbijen bezoeken de percelen toch voor nectar en stuifmeel.
Bij voorjaarszaai bloeit ze in mei-juni, bij herfstzaai in april-mei, telkens ongeveer 3-4 weken. De bloemen zijn meestal tot de middag open.
Ze wordt niet als aparte honing gewonnen; ze levert een lichte, snel kristalliserende bijdrage, vergelijkbaar met gemengde kruisbloemigenhoning.
Omdat ze minder bespuitingen nodig heeft dan koolzaad, is ze een bijvriendelijke keuze als oliegewas. In Turkije groeien langs akkerranden ook wilde huttentutsoorten. Proeven met mengteelt met erwten en linzen leveren de bijen een extra bron op.