
Plant van natte graslanden zonder nectar maar met veel stuifmeel; levert bijen midden in de zomer betrouwbaar stuifmeel langs beken en sloten.
Moerasspirea geeft geen nectar; de trossen kleine, roomwitte bloemen met talrijke meeldraden leveren echter veel stuifmeel. Omdat de plant grote bestanden vormt op natte graslanden, langs beken en in sloten, is ze een waardevolle steun tijdens het stuifmeeltekort midden in de zomer.
Bloeit van juni tot augustus. Hoewel de sterke, zoete geur van de bloemen nectar doet vermoeden, halen bijen van deze plant alleen stuifmeel; het bezoek is het drukst 's ochtends en in de voormiddag.
Er wordt geen honing onder deze naam geproduceerd. De stuifmeelklompjes zijn groenachtig geel en bij de vliegopening goed te herkennen.
Voor bijenstanden bij vochtige, boomloze terreinen draagt ze bij aan het zomerstuifmeel. Natte randen ongemaaid laten en beekdalen beschermen zorgt ervoor dat deze bron voor de bijen blijft bestaan.