
Windbestoven, nectarloze mediterrane boom die bijen toch helpt met stuifmeel in het voorjaar en hars.
De terpentijnboom is tweehuizig en windbestoven; de bloemen hebben geen kroonbladen en geen nectar. De roodachtige bloeiwijzen van mannelijke bomen verspreiden veel stuifmeel, dat honingbijen in het voorjaar verzamelen. De stuifmeelwaarde is middelmatig.
In april-mei, tegelijk met de nieuwe bladeren; de bloei is kort. De boom is algemeen in maquis en eikenbossen in het Egeïsche en Middellandse Zeegebied en in Zuidoost-Anatolië en wordt ook gebruikt als onderstam voor pistache (Pistacia vera).
Omdat de boom geen nectar geeft, draagt hij niet bij aan honing. Stam en bladeren bevatten geurige hars; volgens meldingen gebruiken bijen die voor propolis, maar het belang verschilt per streek.
De hoornvormige gallen op bladeren en takken zijn het werk van bladluizen; omdat deze luizen in gesloten gallen leven, zijn ze voor de imkerij geen honingdauwbron.