
Veelgeplante sierkers in steden; enkelbloemige vormen geven in het voorjaar nectar en stuifmeel, de populaire gevuldbloemige cultivars bieden bijen bijna niets.
De meeste bomen die als Japanse sierkers worden geplant, zijn siercultivars afgeleid van de Oost-Aziatische Prunus serrulata en nauw verwante soorten. Voor de imker is de bloembouw het belangrijkste verschil: enkelbloemige vormen met vijf kroonbladen hebben net als andere kersen open nectariën en veel helmknoppen; bij dubbelbloemige cultivars zijn de meeste meeldraden in kroonbladen veranderd en is er ook heel weinig nectar.
Hij bloeit in april en mei ongeveer twee weken; dubbelbloemige cultivars bloeien meestal iets later dan enkelbloemige. Op koele, winderige voorjaarsdagen blijft de bijenvlucht beperkt.
Hij levert geen eigen honing; hij draagt bij aan de voorjaarsontwikkeling van volken in en rond de stad.
Wie bij aanplant in straten en parken een bijvriendelijke keuze wil maken, kiest beter voor enkelbloemige vormen, de zoete kers of de weichselboom. De veelgeplante roze dubbelbloemige cultivar is wel opvallend, maar als bijenvoedsel zwak.