
Wilde roos van struwelen en akkerranden; geeft geen nectar, maar veel stuifmeel in mei-juni als extra eiwit voor het broed.
De hondsroos is een wilde roos die veel voorkomt in struwelen, langs bosranden en akkerranden. De bloemen geven geen of zeer weinig nectar; de waarde zit in het overvloedige stuifmeel. Bijen verzamelen vooral 's ochtends stuifmeel uit pas geopende bloemen.
Hij bloeit in mei-juni ongeveer 2-3 weken; elke bloem is kortlevend en wordt door een nieuwe vervangen.
Omdat hij geen nectar geeft, draagt hij niet bij aan de honing. Het stuifmeel levert tijdens de acacia- en zomerdracht extra eiwit voor het broed.
Hondsroosheggen zijn ook waardevol voor wilde bijen en andere bestuivers, en de rozenbottels zijn wintervoer voor vogels. Bij het plannen van bijenweide moet hij naast de eigenlijke nectarplanten als stuifmeelsteun worden gezien. De meeste wilde rozen zijn op dezelfde manier nectarloze stuifmeelbronnen; gevulde tuinrozen hebben voor bijen daarentegen meestal helemaal geen waarde.