
Langlevende tropische boom; de bloemtrossen in het droge seizoen geven bijen matig nectar en stuifmeel en dragen bij aan lokale gemengde honing.
De tamarinde is een tropische boom van Afrikaanse oorsprong die veel wordt gekweekt in India, Zuidoost-Azië en Latijns-Amerika. Hij draagt kleine bloemen in trossen, met gele kroonbladen met rode aderen; honingbijen halen er zowel nectar als stuifmeel uit. Op zichzelf levert hij geen grote dracht, maar waar hij veel voorkomt rond dorpen en langs wegen helpt hij volken de droge tijd door te komen.
De bloei valt meestal aan het einde van de hete, droge periode, voordat de regens beginnen; in India meestal tussen april en juli. Een boom opent veel bloemen, maar de afzonderlijke bloemen leven kort.
Een commerciële eenbloemige honing onder zijn naam is niet gangbaar; de nectar komt terecht in gemengde honing.
Hij is niet vorstbestendig en groeit daarom in Turkije en Europa niet buiten; deze informatie geldt voor imkers in tropische gebieden. Kasten die in de droge periode bij een waterbron staan, benutten deze boom beter.