
De kleine geurige bloemen leveren vooral 's ochtends stuifmeel, weinig nectar; intensief spuiten in wijngaarden vraagt om voorzichtigheid.
De kleine, groenige, geurige bloemen van de wijnstok bestuiven zich grotendeels zelf en via de wind. Als de kroonbladen als een kapje afvallen, geven de vrijgekomen helmknoppen veel stuifmeel; bijen komen vooral in de ochtendkoelte voor stuifmeel. De klieren aan de bloembasis scheiden maar heel weinig nectar af.
Hij bloeit eind mei-begin juni, 1-2 weken, afhankelijk van streek en ras. In grote wijnbouwgebieden levert deze korte periode de volken een flinke hoeveelheid stuifmeel.
Van de wijnstok wordt geen honing gewonnen. In de oogsttijd kunnen bijen sap halen uit opengesprongen druiven die door vogels of wespen zijn aangeprikt; gave druiven kunnen ze niet openbijten. Dat sap gist snel en is ongeschikt als wintervoer.
In wijngaarden wordt vaak gespoten tegen valse meeldauw en de druivenbladroller. Plaats de kasten in wijnbouwgebieden in overleg met de telers en houd op spuitdagen rekening met de vliegroute.