
Doornige jujube die struwelen vormt op de droge vlakten van Noord-Afrika; geeft begin zomer veel nectar en levert in Marokko een gewaardeerde honing.
Ziziphus lotus vormt lage, dichte, doornige struwelen op de droge vlakten van Marokko, Algerije, Tunesië en Libië; in Europa komt hij alleen op enkele plekken voor, zoals in Zuidoost-Spanje en op Sicilië. Hij is zeer droogtebestendig en zijn kleine, geelgroene bloemen, die begin zomer opengaan, geven veel nectar.
De bloei loopt van mei tot juli; ook bij heet en droog weer gaat de afscheiding door, wat belangrijk is in een periode waarin andere bronnen opgedroogd zijn. De stuifmeelwaarde is middelmatig.
De waardevolle eenbloemige honing die in Marokko als sidr- of jujubehoning wordt verkocht, komt grotendeels van deze soort. De honing is amberkleurig, dik en aromatisch; over de kristallisatiesnelheid zijn geen betrouwbare gegevens gevonden.
In Marokko worden de struwelen gerooid om akkerland te winnen, waardoor de bron afneemt. De kleine populaties in Europa zijn beschermde leefgebieden; wie er kasten wil plaatsen, moet op de plaatselijke vergunningen letten. In Turkije is geen natuurlijk voorkomen bekend.