
Schaduwverdragende groenblijvende struik; geurige gele trossen geven honingbijen van maart tot mei nectar en geel stuifmeel.
Mahonie is een wintergroene struik uit het westen van Noord-Amerika die met zijn glanzende, stekelig gerande bladeren aan hulst doet denken. De gele, geurige bloemtrossen bieden vroeg in het voorjaar zowel nectar als stuifmeel en worden regelmatig door de honingbij bezocht. De meeldraden klappen bij aanraking naar binnen; door die beweging komt stuifmeel op het bezoekende insect terecht.
Hij bloeit van maart tot mei, na zachte winters al vanaf eind februari. De bloei duurt enkele weken en overbrugt de periode tussen wilg en fruitbomen.
De stuifmeelklompjes zijn geel. Hij wordt niet als aparte honing geoogst; zijn bijdrage is voedsel voor de voorjaarsontwikkeling.
In de huidige indeling is het geslacht Mahonia opgenomen in Berberis (zuurbes); in de tuinbouw is de oude naam nog gangbaar. Via zaden die door vogels worden verspreid, dringt hij bossen binnen en in sommige Midden-Europese landen geldt hij als invasief. Omdat hij schaduw verdraagt, is hij waardevol als vroege stuifmeelbron onder bomen; de blauwe bessen voeden ook vogels.