
De boomvormige hazelaar van Anatolië en de Balkan; de katjes geven eind winter veel stuifmeel voor vroeg broed, maar geen nectar.
De boomhazelaar is een boom met één stam en een regelmatige kroon, die verspreid voorkomt van de Balkan tot Noord-Anatolië, het Taurusgebergte en de Kaukasus. Net als de gewone hazelaar is hij windbestoven en geeft hij geen nectar, maar zijn grote mannelijke katjes produceren veel stuifmeel, dat bijen op zachte dagen benutten.
Bloeit in februari-maart, voor het uitlopen van het blad. Omdat hij meestal iets later bloeit dan de gewone hazelaar, wordt de vroege stuifmeelperiode langer waar beide soorten samen staan.
Geen honingbron. De stuifmeelklompjes zijn bleek geelgroen en ondersteunen de broedontwikkeling aan het eind van de winter.
Omdat hij bestand is tegen droogte, kalkrijke grond en stadsomstandigheden, wordt hij in Europa als laanboom geplant. De natuurlijke populaties in Turkije zijn schaars en het beschermen waard. Rond de bijenstand kan hij samen met wilgen en vroege fruitbomen een schakel vormen in de stuifmeelketen van de late winter.