
Droogtebestendige tweejarige vlinderbloemige met gele trossen die de hele zomer veel nectar geven; bron van lichte honingklaverhoning.
Citroengele honingklaver is een van de productiefste vlinderbloemigen voor de honingbij. De kleine, geurende gele bloempjes staan in lange trossen; door de korte bloembuis is de nectar voor de bij gemakkelijk bereikbaar. Dankzij de diepe wortels blijft de plant op droge, kalkrijke en schrale grond nectar afscheiden, zelfs in de zomerdroogte. Het stuifmeel is middelmatig.
Bloeit in het tweede jaar van juni tot augustus, 6-8 weken lang. Samen met witte honingklaver (Melilotus albus) is ze algemeen in wegbermen, op verlaten terreinen en langs spoorwegtaluds.
In Noord-Amerika en Oost-Europa wordt er op grote schaal honing van gewonnen. De honing is zeer licht van kleur, heeft een vage vanilleachtige geur en een zachte zoetheid; hij kristalliseert fijnkorrelig.