Temperatuur- en vochtmeters

💬 WhatsApp

Temperatuur- en vochtmeters voor bijenkasten zijn sensoren die de temperatuur van het broednest en de luchtvochtigheid in de kast meten en zo zonder de kast te openen laten zien of het volk broed heeft, hoe de wintertros erbij zit en of er kans op condensatie is. Er zijn uitvoeringen van een eenvoudige digitale thermometer tot draadloze sensoren die gegevens opslaan. Op de juiste plek geven ze vooral waardevolle informatie over de broedloze periode en de overwintering.

Waarom meet je temperatuur en vocht in de bijenkast?

Een honingbijenvolk gedraagt zich als een "superorganisme" dat zijn eigen temperatuur regelt. Als die regeling verstoord raakt, is dat vaak het eerste teken van een verandering in het volk: het broed is op, de moer is verloren, het volk verzwakt of de wintertros verplaatst zich.

  • Is er broed? Een stabiele, hoge temperatuur wijst op broed.
  • Wanneer begon de broedloze periode? Dat is het beste moment voor varroabehandelingen met contactwerking.
  • Waar zit de tros in de winter? Met meerdere sensoren kun je volgen hoe de tros naar de voorraad opschuift.
  • Is er condensatie? Als de luchtvochtigheid voortdurend bijna verzadigd is, verzamelt zich waarschijnlijk water onder het dak dat op de tros druppelt.

Hoe regelen bijen de temperatuur in de kast?

Het broednest wordt binnen een vrij smal bereik van ongeveer 34–36 °C gehouden. Bijen die zich ontwikkelen uit poppen die lang buiten dit bereik zijn gebleven, kunnen vleugelafwijkingen en gedrags- en leerproblemen vertonen.

  • Verwarmen: Werksters laten hun vliegspieren trillen zonder met de vleugels te bewegen en maken zo warmte. Verwarmende bijen kruipen op gesloten broedcellen of in lege cellen en verwarmen hun omgeving.
  • Koelen: Bij warmte waaieren de bijen bij de vliegopening met hun vleugels en veroorzaken zo een luchtstroom; ze halen water en laten het verdampen. Bij grote hitte verzamelt een deel van de bijen zich aan de voorkant van de kast; dat heet baardvorming.
  • Wintertros: Als er geen broed is, vormen de bijen een tros. Het midden is warmer, de buitenmantel koeler; de bijen in de mantel proberen niet onder ongeveer 8–10 °C te komen. De bijen verwarmen de tros, niet de kast; lege hoeken van de kast kunnen daardoor bijna de buitentemperatuur hebben.
Gezond broedraam met broed, stuifmeel en een honingkrans
In het midden gesloten broed, eromheen stuifmeel en helemaal buiten een honingkrans. Een temperatuursensor direct boven dit broednest levert de meest zinvolle gegevens. Foto: APHA (National Bee Unit), Crown Copyright · Open Government Licence v3.0 (Crown Copyright)

Soorten temperatuur- en vochtmeters

SoortGebruikOpmerking
Digitale thermometer met sonde (min-max-geheugen)Sonde in de kast, display buiten; actuele en uiterste waarden worden afgelezenGoedkoop, voldoende om mee te beginnen
Thermo-hygrometer (temperatuur en vocht)Metingen in slingerruimte, opslag en boven op de kastKan in de kast met propolis worden bedekt
DataloggerSlaat wekenlang waarden per uur op, die later worden uitgelezenIdeaal om trends te zien
Draadloze sensorStuurt gegevens naar de telefoon of een gatewayVereist batterij en bereik
Infraroodthermometer / warmtebeeldcameraToont de positie van de tros vanaf de buitenkant van de kastMeet het oppervlak, niet de binnentemperatuur

Hoe interpreteer je temperatuurgegevens?

Eén meting zegt weinig; de echte informatie zit in de trend. Kijk naar een reeks van enkele dagen:

  • Constant 34–36 °C, klein verschil tussen dag en nacht: Onder de sensor zit broed.
  • Schommelende temperatuur die de buitenlucht volgt: Onder de sensor zit geen broed of de tros is verschoven.
  • Geleidelijke daling in het najaar: De broedproductie neemt af; over een paar dagen kan de broedloze periode beginnen.
  • Aan het eind van de winter weer stijgend en stabiel: De moer is begonnen met leggen; het voorraadverbruik zal toenemen.
  • Plotselinge daling midden in het seizoen: Moerloosheid, een zwerm of ernstige verzwakking is mogelijk; open de kast en kijk.
Het waardevolste gebruik: Varroabehandelingen met contactwerking zoals oxaalzuur werken het best wanneer alle mijten op volwassen bijen zitten, dus in de broedloze periode. Met een temperatuursensor kun je die periode meten in plaats van haar op basis van de kalender te schatten; in jaren met een afwijkend klimaat maakt dat veel uit.

Waarom is vochtmeting belangrijk?

Condensatie in de winter

Terwijl de tros honing verbruikt, ontstaat waterdamp. Die condenseert tegen het koude dak of de wand. Een goed gevoed volk kan meestal goed tegen kou; het echte gevaar is water dat op de tros druppelt. Een vochtsensor die laat zien dat de luchtvochtigheid lang bijna verzadigd blijft, waarschuwt vroeg voor een probleem met ventilatie of dakisolatie.

Rijping van honing in de zomer

De bijen geven het water uit de nectar af aan de lucht in de kast en waaieren het naar buiten. Bij zeer vochtig weer verloopt dit trager en wordt de honing later verzegeld. Hoge vochtwaarden in deze periode maken een refractometermeting voor de oogst des te belangrijker.

Bijen die bij warm weer een baard vormen voor de kast
Op warme, vochtige dagen verzamelt een deel van de bijen zich aan de voorkant van de kast (baardvorming). Dat is normaal gedrag om de kast koel te houden. Foto: APHA (National Bee Unit), Crown Copyright · Open Government Licence v3.0 (Crown Copyright)

Slingerruimte en opslag

Honing is hygroscopisch, dat wil zeggen dat hij vocht uit de lucht aantrekt. Een honingkamer in een vochtige ruimte of honing in een open vat neemt water op. Een relatieve luchtvochtigheid van onder ongeveer 60% in de slingerruimte is een goed doel; daarvoor volstaat een gewone kamerthermo-hygrometer.

Wintertros in januari van bovenaf gezien
Een volk in januari van bovenaf gezien: de bijen zitten dicht opeen tussen de ramen. De tros verwarmt zichzelf, niet de kast; daarom is de plaats van de sensor belangrijk. Foto: Maja Dumat from Deutschland (Germany) / Wikimedia Commons · CC BY 2.0

Waar en hoe plaats je de sensor in de kast?

  1. Midden van het broednest: De temperatuursensor komt tussen of direct op de bovenlatten van de twee middelste ramen van het broednest.
  2. Meerdere sensoren in de winter: Plaats zo mogelijk één in het midden, één aan de rand en één aan de kant van de voorraad om de beweging van de tros te volgen.
  3. Vochtsensor: Iets boven de tros, dicht onder het dak; beschermd tegen direct contact met was en propolis.
  4. Kabel en behuizing: Mogen de doorgang van de bijen niet blokkeren en niet bekneld raken als het dak wordt gesloten.
  5. Buitensensor: Plaats ter vergelijking ook een sensor voor de buitenlucht op een schaduwrijke, tegen regen beschermde plek.
Besneeuwde houten en piepschuimkasten
Overwinterende kasten. Gedurende de winter kun je met sensorgegevens de toestand van de tros en het risico op condensatie volgen zonder de kast te openen. Foto: Dirk Liesch / Wikimedia Commons · CC BY 4.0

Waar let je op bij het kiezen van een temperatuur- en vochtmeter?

  • Nauwkeurigheid: Ongeveer ±0,5 °C voor temperatuur en ±3 procentpunten voor vocht is voor de bijenkast voldoende.
  • Bescherming: Een behuizing die bestand is tegen propolis en vocht; bij vochtsensoren een poreuze beschermkap.
  • Meetinterval en geheugen: Een meting elke 15–60 minuten en geheugen voor minstens één seizoen.
  • Batterij en kou: In de winter daalt de batterijcapaciteit; controleer het werkbereik bij kou.
  • Gegevensoverdracht: Dat je gegevens als tabel kunt exporteren, is belangrijk om over langere tijd te vergelijken.

Eenvoudige nauwkeurigheidscontroles

Heb je meerdere sensoren, laat ze dan een paar uur samen in dezelfde doos liggen en vergelijk de waarden. Voor vochtsensoren is de zouttest een bekende methode: de lucht boven een verzadigde oplossing van keukenzout in een gesloten bakje bereikt bij kamertemperatuur ongeveer 75% relatieve luchtvochtigheid. Wijkt de sensor duidelijk van deze waarde af, corrigeer de metingen dan daarmee.

Beperkingen en veelgemaakte fouten

  • Vergeten dat de sensor de oorzaak niet vertelt: een temperatuurdaling kan betekenen dat het broed op is, maar ook moerloosheid of ziekte.
  • De sensor buiten het broednest plaatsen en concluderen dat "het volk koud is".
  • Blijven vertrouwen op een vochtsensor die met propolis is bedekt; maak hem aan het begin van het seizoen schoon en controleer hem.
  • De kast vaak openen voor wintergegevens; het doel is juist om te volgen zonder te openen.
  • In elke kast een sensor zetten: een paar representatieve volken is meestal genoeg.

Veelgestelde vragen

Hoe warm moet het in een bijenkast zijn?

Het broednest is ongeveer 34–36 °C. In een broedloze wintertros is het midden kouder; lege hoeken van de kast kunnen bijna de buitentemperatuur hebben, en dat is normaal.

Is een sensor in de kast schadelijk voor de bijen?

Een kleine, goed geplaatste sensor doet geen kwaad. De bijen kunnen hem met propolis bedekken; daarom moet de behuizing schoon te maken zijn.

Wat is in de winter gevaarlijker: vocht of kou?

Voor een volk met voldoende voorraad en bijen is niet zozeer de kou gevaarlijk als wel water dat tegen het dak condenseert en op de tros druppelt. Isolatie bovenin en goede ventilatie voorkomen dat.

Laat een warmtebeeldcamera de binnenkant van de kast zien?

Nee, alleen de temperatuur van het buitenoppervlak. Toch is het in de winter nuttig om te zien aan welke kant van de kast de tros zit.

GERELATEERDE VIDEO'S
GERELATEERDE PDF-BESTANDEN
7G- BİRİMLER, ÖLÇME ve KALİBRASYON İçindekiler - GÜDEKgudek.nethttps:/
Teskon Program.pdfTMMOB Makina Mühendisleri Odası |https://www.mmo.org
Sevk ve İdare KitabıAviagenhttps://staging.aviagen.com› assets › TR_Te
önsözEnerjisa Üretimhttps://www.enerjisauretim.com.tr› _assets › pdf
türkiye'de mülteciler için tesis (frit) ...İLBANKhttps://www.ilbank.go
FEN FAKÜLTESİEskişehir Teknik Üniversitesihttps://www.eskisehir.edu.tr
Yetiştiricinin El Kitabı - BurdurBurdur Mehmet Akif Ersoy Üniversitesi
ARFF TEKNİKERLİĞİDevlet Hava Meydanları İşletmesi Genel Müdürlüğühttps

📝 Artikelen van imkers

Nog geen artikelen.